Ga naar hoofdinhoud

Sharing is caring slaat niet aan in de transportsector

Financieel voordeel, minder afgelegde kilometers en een betere benutting van het rollend materieel: transportbedrijven die rollend materieel delen kunnen daar veel voordelen uit halen. Toch blijft de toepassing van de deeleconomie in de sector voorlopig uit. Een mental shift bij zowel bedrijfsleiders, als uitvoerend personeel is nodig. Dat blijkt uit de resultaten van het VIL-project Cambion, dat zich richtte op de transportsector in Vlaanderen.

In een sector die sterk onder druk staat, is het voor transporteurs belangrijk zich te kunnen onderscheiden door kwaliteitsvolle service. Om aan de snel veranderende vraag naar transportmiddelen te kunnen voldoen, voorzien transportbedrijven extra rollend materieel om in te zetten tijdens piekperiodes. Dit zorgt tijdens de dalperiodes echter voor stilstaande trekkende en getrokken voertuigen.

Het delen van dit materiaal kan hier een oplossing voor bieden en bovendien voor extra inkomsten zorgen. Wanneer een vrachtwagen niet bij een klant kan laden of lossen, kan de chauffeur, in plaats van te wachten of terug te rijden naar het depot, een andere opdracht uitvoeren en dus geld verdienen. Ook het aantal gereden kilometers kan hierdoor drastisch beperkt worden.

Het principe van de deeleconomie toepassen in de transportsector brengt ook nieuwe uitdagingen met zich mee. De bijkomende administratieve handelingen en verzekeringstechnische aspecten vragen om duidelijke afspraken tussen de verschillende bedrijven.

Tijdens het project werd bovendien snel duidelijk dat het delen van trekkende voertuigen op weinig bijval kan rekenen. Chauffeurs zijn erg gehecht aan hun eigen voertuig en zien dit als hun tweede thuis. Daarom werd enkel het delen van opleggers verder uitgewerkt in dit project. Ook hierbij is de vrees voor imagoschade reëel. “Tijdens het traject is gebleken dat de bedrijfslogo’s op de trailers zeer gevoelig zijn voor veel bedrijven en hun klanten. Dit zal de grootste uitdaging worden tijdens de verdere uitrol van het Cambion-deelproject in de komende jaren”, aldus Filip De Clercq, Gedelegeerd bestuurder van Gilbert De Clercq, een van de deelnemende bedrijven.

In de praktijk blijkt dat transporteurs nog geen gebruik maken van het Cambion-concept. De reflex maken om bij een concullega hulp in te roepen blijft momenteel nog uit. Bedrijven opteren nog steeds om intern oplossingen te zoeken. “Enkel een sterke mental shift, zowel bij bedrijfsleiders als bij uitvoerend personeel, kan hier verandering in brengen. Uit dit VIL-project blijkt dat er zeker voordelen uit te halen zijn. Het zijn nu de bedrijven die ermee aan de slag moeten”, aldus VIL-projectleider Filip Van Hulle.

Projectdeelnemers: Deny Logistics, Eutraco, Exsan (Sany Group), Gilbert De Clercq, Hamann Logistics, Remitrans, Snel Logistics, Transport Lux, Transport Vanschoonbeek – Matterne en Vincent Logistics.

Dit project wordt ondersteund door VLAIO, het Agentschap Innoveren en Ondernemen van de Vlaamse Overheid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Zorg dat u niets mist. Neem nu een jaarabonnement op TTM.nl met 25% korting. Abonneer