De vier grote steden sluiten vrijdag een convenant met pakketvervoerders en retailers om meer grip te krijgen op de snelle groei van pakketkluizen. Dat meldt het FD. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht willen voorkomen dat lockers ongecoördineerd in de openbare ruimte verschijnen, terwijl bezorgers juist fors investeren in out-of-home-netwerken.
Het convenant is een inspanningsverplichting en bevat geen harde quota. De richting is wel duidelijk: gemeenten nemen de regie over locaties en spreiding. In (historische) binnensteden moeten pakketkluizen voorlopig van straat verdwijnen. Eerst wordt gezocht naar inpandige of semipublieke locaties, zoals supermarkten, fietsenstallingen, bibliotheken en sportclubs.
De timing is logisch. DHL wil dit jaar doorgroeien naar 3.000 lockers, PostNL mikt op 3.600 stuks in 2028. Ook DPD, InPost, bol.com, Vinted Go en Amazon breiden uit. De economische realiteit speelt mee: thuisbezorging staat onder druk nu volumegroei afvlakt en kosten stijgen. Lockers verlagen voertuigkilometers, verbeteren de first-time-delivery rate en drukken personeelskosten.
Tegelijk groeit de druk op de openbare ruimte. In Amsterdam worden dagelijks ruim 125.000 pakketten bezorgd; busjes stoppen er circa 80.000 keer per dag. Gemeenten zien pakketkluizen als instrument om verkeershinder te beperken, maar willen wildgroei voorkomen. Een belangrijk uitgangspunt is ‘white label’: kluizen moeten waar mogelijk toegankelijk zijn voor meerdere vervoerders.
Voor pakketvervoerders betekent dit een nieuwe fase: van snelle uitrol naar gereguleerde netwerkontwikkeling. Groei blijft mogelijk, maar binnen duidelijke ruimtelijke randvoorwaarden. De pakketkluis verschuift daarmee van commerciële innovatie naar stedelijke infrastructuur.
Bron: FD
