De elektrische vrachtwagen zorgt voor flink wat opschudding in de transportsector. Is het voor de chauffeur en wagenparkbeheerder al wennen, ook de financiële man of vrouw krijgt te maken met uitdagingen. HBE’s bijvoorbeeld. Ja, een Hernieuwbare BrandstofEenheid. Johnny Nijenhuis zocht voor TTM.nl uit wat HBE’s precies zijn en wat je er mee kan doen. [INHOUD | INDEX TTMnl2024_1_46]
Simpel gezegd zorgt het systeem van HBE’s ervoor dat er geld stroomt, van de leveranciers van fossiele energie, naar de leveranciers van hernieuwbare energie. Je zou het een beetje kunnen zien als een belasting op diesel die terecht komt bij de leverancier van groene stroom aan vrachtwagens.
Brandstofleveranciers zijn verplicht om een gedeelte van hun brandstoffen te leveren als ‘hernieuwbare brandstof’. Met een technische term noemen we dit de ‘jaarverplichting’. Dat aandeel wordt elk jaar een beetje hoger. Lukt het een brandstofleverancier niet om te voldoen aan die verplichting? Dan kunnen ze het tekort opvullen door het kopen van HBE-certificaten.
Eigenaar
Maar van wie worden die HBE-certificaten dan gekocht? Dit is waar het interessant wordt voor de eigenaar van de elektrische vrachtwagen. Of eigenlijk; de eigenaar van elektriciteitsaansluiting. Want alleen de eigenaar van de elektriciteitsaansluiting kan HBE’s registreren. Huur jij je pand? Helaas, dan gaan de opbrengsten van de HBE’s aan jouw neus voorbij. Die vallen dan in het bakje van de verhuurder.
Althans, als die de juiste maatregelen heeft getroffen. Want HBE’s worden helaas niet in een envelop aan het einde van het jaar door de brievenbus gedrukt. Was het maar zo’n feest. Om de HBE’s te kunnen verkopen moet je aan een aantal voorwaarden voldoen.
Audit
Zo moet er een administratie worden bij gehouden over hoeveel elektriciteit er in de vrachtwagens is geladen. Dat doe je door de juiste bemetering te plaatsen. Heb je dit voor elkaar? Dan mag je de geleverde kWh’s inboeken op de website van de Nederlandse Emissieautoriteit (NEA), daarna verschijnen de HBE’s automatische op jouw HBE-rekening. Je kunt alleen de kWh inboeken die je ook daadwerkelijk al in je elektrische vrachtwagen hebt geladen.
Om te controleren of alles op de juiste wijze is ingeboekt, verplicht de NEA de inboekers een jaarlijkse audit te laten doen. Zo’n auditeur controleert of alles volgens de regels is verlopen. Is dat niet het geval? Dan gaan alle HBE’s verloren. Het is dus niet onverstandig om de juiste partij te laten meekijken bij het optuigen van je HBE-administratie.
Kosten?
Zo’n HBE-audit is niet gratis. Kosten liggen al snel op een paar duizend euro per jaar. Het is dus wel zaak om goed na te gaan of het voeren van een HBE-administratie voor jou wel interessant is. Lever jij niet zoveel hernieuwbare energie aan voertuigen bestemd voor de weg? Dan is het waarschijnlijk financieel niet interessant.
Bovendien schommelt de prijs van HBE’s nog wel eens. In de afgelopen jaren zijn er prijsniveau’s van meer dan 20 euro per HBE bereikt. Echter zien we de laatste maanden een prijs die steevast rond de 8 euro per HBE ligt.
Om uit te rekenen hoeveel een HBE per kilowattuur oplevert, hanteert de NEA de volgende formule:
[aantal geleverde kWh’en] * 0,0036 * 4 * [forfait hernieuwbaar] * [HBE prijs]
Dit lijkt een heel ingewikkelde formule, maar het valt mee.
Je ziet vijf getallen die je met elkaar moet vermenigvuldigen. Drie daarvan zijn variabel. De hoogte van die variabelen hangt af van jouw situatie en de marktprijs voor HBE’s.
Je ziet ook dat ‘0,0036’ en ‘4’ vaste getallen zijn. Elke HBE staat gelijk aan één gigajoule aan geleverde energie. Om een kWh om te rekenen naar een gigajoule, moet je hem vermenigvuldigen met 0,0036.
De ‘4’ is de multiplier. Deze wordt gebruikt om te compenseren voor de niet ingeboekte hernieuwbare energie.
Dan blijft ‘forfait hernieuwbaar’ nog over. Dit getal zegt iets over het percentage hernieuwbare stroom dat is geleverd. In 2024 mogen we rekenen dat elke kWh uit het stopcontact voor 39,9 procent hernieuwbaar is.

Wat levert het op?
Leuk die technische onderbouwing, maar wat levert mij dat in de praktijk op? Laten we eens gaan rekenen. Stel dat je 75.000 kWh hebt geladen met stroom uit het stopcontact en de waarde van een HBE 8 euro is:
75.000 kWh * 0,0036 * 4 * 39,9% * €8,- = € 3.447,36
Dik 3.400 euro per elektrische vrachtwagen. Dat is lekker! Maar, helaas is het niet allemaal winst. We maken ook nog wat kosten. Deze liggen ongeveer op hetzelfde niveau als de opbrengsten. Aan het einde van de rit levert het je dus -in dit geval- geen cent op.
Maar zodra we met twee elektrische vrachtwagens gaan rijden, dan verdubbelt ook het aantal kWh. Dus ook de opbrengsten. Terwijl we de kosten voor de administratie en de audit maar één keer hoeven te betalen. Bovendien zou de prijs van een HBE kunnen stijgen. Een verdubbeling in prijs, levert ook een verdubbeling in opbrengsten op.
Zonnepanelen
Daarnaast kunnen we de opbrengsten nog verder verhogen door het aandeel hernieuwbaar verder te verhogen. Bijvoorbeeld door zelf groene stroom op te wekken met zonnepanelen en deze direct te gebruiken om je vrachtwagens op te laden. Je mag in dat geval ook een batterij gebruiken om je stroom tussentijds op te slaan. Helaas telt het kopen van groene stroom niet als 100 procent hernieuwbaar.
Hoelang HBE’s nog blijven bestaan is onzeker. Waarschijnlijk gaan HBE’s plaats maken voor ERE’s. ERE is de afkorting voor Emissie Reductie Eenheden. Er wordt vanaf 1 januari 2025 niet meer gekeken naar de hoeveelheid geleverde hernieuwbare energie, maar naar de hoeveelheid gereduceerde kilogrammen CO2-equivalent.
Daarmee komt ook de rekensom zoals we die hierboven maakten te vervallen. Hoe de nieuwe rekensom voor 2025 en daarna er precies uit gaat zien, is nu nog niet duidelijk. Wel blijven een aantal basisprincipes van kracht. Lever jij nu meer hernieuwbare energie, dan zul jij na deze wijziging ook profiteren van een hoger aantal ERE’s. Want hoewel de regelgeving gaat veranderen, is de doelstelling ongewijzigd: het wegvervoer zal haar bijdrage aan de CO2-uitstoot verder moeten verminderen.

#hbe
#rekenen
#voordeel
TEKST: JOHNNY NIJENHUIS | FOTO’S: SHUTTERSTOCK
