Ga naar hoofdinhoud

Groene waterstof, dat kun je toch ook uit IJsland halen?

Landsvirkjun, het nationale energiebedrijf van IJsland, en Havenbedrijf Rotterdam gaan de haalbaarheid van de export van groene waterstof van IJsland naar Rotterdam onderzoeken. De twee organisaties hebben daartoe een memorandum van overeenstemming (MoU) getekend.

De haven van Rotterdam is de grootste haven en energiehub van Europa en heeft een ambitieus waterstofmasterplan ontwikkeld, met onder andere als doel de belangrijkste importhub te worden voor waterstof voor Noordwest-Europa. Het Havenbedrijf Rotterdam is door de Nederlandse overheid gevraagd mogelijke toekomstige importstromen van groene waterstof voor Europa te identificeren.

Onlangs kondigde Landsvirkjun aan een haalbaarheidsonderzoek te doen naar de ontwikkeling van een fabriek voor groene waterstof bij de waterkrachtcentrale Ljósifoss, circa 70 km van Reykjavik. De productie wordt koolstofvrij, door de elektrolyse van water met hernieuwbare energie. Deze koolstofvrije methode om waterstof te produceren wordt nog veel te weinig toegepast. Momenteel wordt het grootste deel van de waterstofvoorziening wereldwijd nog geproduceerd met aardgas, met de bijbehorende CO2-uitstoot.

Tijdens de klimaatconferentie van de Verenigde Naties in Parijs in 2015, de COP 21, kwamen deelnemende staten overeen alles in het werk te zetten om de wereldwijde opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 °C, ten opzichte van het niveau van voor de industrialisatie. Om dit te bereiken is een wereldwijde energietransitie nodig, waarbij fossiele brandstoffen worden vervangen door hernieuwbare, koolstofvrije energiebronnen. Waterstof vormt een belangrijk onderdeel van het plan voor een omvangrijke energietransitie van de Europese Unie in de komende jaren.

Waterstof is een koolstofvrije energiedrager, mits dit met behulp van hernieuwbare energie wordt geproduceerd. Waterstof is niet alleen een geschikte brandstof voor transport, maar kan ook worden gebruikt voor het opwekken van elektriciteit en voor verwarming, en vormt een essentieel onderdeel van een aantal industriële processen. Deze veelzijdigheid heeft er, in combinatie met een verlaging van de productiekosten, toe geleid dat de interesse in waterstof wereldwijd enorm is toegenomen.

Hordur Arnarson, CEO van Landsvirkjun: “Waterstof is zonder twijfel een van de energiedragers van de toekomst en het biedt de mogelijkheid klimaatverandering tegen te gaan. Als we waterstof gaan gebruiken als energiedrager, kunnen we onze IJslandse groene, hernieuwbare energie exporteren naar het vasteland van Europa en hiermee een grotere bijdrage leveren aan de gezamenlijke inspanningen voor een wereldwijde energietransitie. De Europese markt voor groene waterstof zal zonder twijfel in de komende jaren aanzienlijk groeien. Met dit onderzoek kunnen we er vanaf het begin bij zijn.”

Allard Castelein, CEO Havenbedrijf Rotterdam: “Noordwest-Europa zal grote hoeveelheden waterstof moeten importeren om CO2-neutraal te worden. Rotterdam is momenteel de belangrijkste energiehub van Europa. We verwachten dat waterstof de huidige positie van olie zal overnemen, als energiedrager en als grondstof voor de industrie. Daarom verkennen we de mogelijkheden om waterstof te importeren uit landen die de potentie hebben om grote hoeveelheden groene waterstof te produceren tegen een concurrerende prijs, zoals IJsland.” 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Zorg dat u niets mist. Neem nu een jaarabonnement op TTM.nl met 25% korting. Abonneer