De verstoringen in de Straat van Hormuz leiden tot een opvallende omgekeerde modalshift in het Midden-Oosten. Het Saoedische mijnbouwbedrijf Ma’aden zet inmiddels circa 3.500 trucks in om kunstmest en grondstoffen over land van de Perzische Golf naar havens aan de Rode Zee te vervoeren.
Volgens zakenkrant The Wall Street Journal bouwde Ma’aden zijn noodoperatie in enkele weken tijd op. Wat begon met 600 trucks groeide via 1.600 en 2.000 voertuigen uit tot een vrijwel continue pendeldienst van 3.500 trucks. De voertuigen rijden grotendeels 24 uur per dag, vaak met dubbele bemanning, om exportstromen richting de Rode Zee op gang te houden.
Normaal verscheept Ma’aden fosfaatproducten via Golfhavens door de Straat van Hormuz. Door de spanningen rond Iran zoeken bedrijven echter alternatieve routes buiten het omstreden zeekanaal. Naast trucks worden ook spoorverbindingen ingezet. Ma’aden plaatste bovendien tijdelijke magazijnen langs de corridor en zette roestvrijstalen tankwagens in voor het vervoer van zwavelzuur.
De operatie is duur en inefficiënt. Veel trucks keren leeg terug vanaf de Rode Zeehavens. Toch worden de extra logistieke kosten voorlopig gecompenseerd door stijgende grondstofprijzen.
De verschuiving beperkt zich niet tot Ma’aden. Ook rederijen als MSC en Maersk gebruiken alternatieve landcorridors via Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en Oman. Daarmee ontstaat extra druk op wegtransport, spoorcapaciteit en haveninfrastructuur in de regio.
Volgens Ma’aden-topman Bob Wilt blijft de route naar de Rode Zee mogelijk ook na de huidige crisis in gebruik. Daarmee dreigt een tijdelijke noodmaatregel uit te groeien tot een structurele verschuiving van zee- naar wegtransport.

Bron: WSJ

