fbpx Ga naar hoofdinhoud

ILT, NIWO en KIWA samen tegen sociale dumping

Met slimmer gebruik van ICT kan er veel gerichter worden opgetreden tegen sociale dumping in het wegtransport. Zo heeft bijvoorbeeld het ministerie van Infrastructuur & Milieu (I&M) met de NIWO in feite al een machtig wapen in huis. Een wapen dat men enkel moet willen gebruiken. Laat de politiek daar kansen liggen? [INHOUD | INDEX TTMnl2017_5_34]

Terecht stelde D66 en de SP op afgelopen zomer vragen aan minister Schultz van I&M over oneerlijke mededinging in het wegtransport. Helaas concentreerde het debat zich rond de slagkracht van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT). Dat is aan het einde van de opsporingsketen. Minister Schultz kon dan ook eenvoudig om de hete brei heen draaien en het vragenuurtje bleef, eeh, een vragenuurtje…

Dat de betrokken Kamerleden Jetten en Laçin daarmee genoegen namen, zegt óf iets over hun

Gerrit-Jan Olthoff (links) en Nico Brinkhorst van NIWO

(dossier)kennis, of iets over de mate waarin het wegtransport leeft bij politici. Want iedereen die het laatste jaarverslag van ILT leest, ziet dat er in dit 88 pagina’s tellende document amper één velletje over het wegtransport gaat. Die leest ook tussen de regels door dat ILT vindt, dat hun dienst wel héél erg gehinderd wordt door de enorme bezuinigingen van de afgelopen jaren. Dat is een politiek besluit geweest. Weliswaar met D66 en SP in de oppositie. Maar niets wijst er op dat ILT de komende tijd fors versterkt wordt. En dat weten Jetten en Laçin ook.

Misstanden
De Engelse zusterorganisatie van de NIWO treedt keihard op tegen misstanden als sociale dumping. In Nederland kan of mag de NIWO dat niet. En hoewel ILT doet wat ze kan, richt het zich voornamelijk op het handhaven van de rij- en rusttijdenwet. En zegt daarover in één zin dat men zo’n 400 bedrijven op de korrel heeft. Maar het geeft ook toe dat het  voortdurend achter de feiten aanloopt. Dan hebben we het voornamelijk over tachograaffraude.

Vakbond
Bij het bestrijden van sociale dumping lijkt ’s Nederlands de grootste waakhond de FNV te zijn. Niet echt een erkende opsporingsinstantie, maar bij vlagen wel verrassend effectief. En daar komt de NIWO in beeld. Die dienst zou met slimme bestandskoppelingen ervoor kunnen zorgen dat de ILT veel gerichter zouden kunnen opereren met een veel grotere pakkans. Nu gaat  de NIWO alleen over het verlenen, verlengen en intrekken van communautaire vergunningen aan transportbedrijven en koeriers en zorgt het voor transparante uitvoeringsregels. Het meest zichtbare daarvan is de NIWO-vergunning.

Vergunning
Transport is in Nederland geen vrij beroep. Daarom toetst het orgaan elke aanvraag voor het starten van een transportbedrijf aan de hand van vier vergunningsvoorwaarden en de wet BiBob. De aanvrager moet zijn betrouwbaarheid aantonen, echt in Nederland gevestigd te zijn (dus geen postbus), voldoende financiële draagkracht te hebben en beschikken over de juiste vakdiploma’s. De NIWO toetst ook of de aanvrager geen verleden met justitie heeft. Die vergunning is vijf jaar geldig waarna een controle volgt. Daarna worden vergunningen verlengd of ingetrokken. De NIWO is een zelfstandig bestuurlijk orgaan met voldoende afstand tot de branche. Daarmee heeft de overheid op papier een effectief wapen om transportbedrijven te dwingen om op een groot aantal punten netjes langs de lijntjes te blijven lopen. Maar belangrijker is dat de dienst beschikt over een enorme database. Dat zou een prachtig uitgangspunt zijn voor geautomatiseerde recherchering door bijvoorbeeld het NIWO-bestand te koppelen met de eveneens omvangrijke database van het KIWA-register, de instelling die in Nederland verantwoordelijk is voor de uitgifte van de chauffeurskaarten.

Frusterend

Gerrit Jan Olthoff

“De NIWO is momenteel alleen verantwoordelijk voor de genoemde aspecten bij de vergunningverlening”, legt directeur Gerrit Jan Olthoff uit. “De factor arbeid en het sociale deel van de bedrijfsvoering vallen buiten ons gezichtsveld. De zogenoemde eis van dienstbetrekking is geen vergunningsvoorwaarde meer, terwijl het wel een wettelijke eis is. Dat betekent dat wij ons anders dan bijvoorbeeld onze Engelse collega’s niet bezighouden met het naleven van de CAO en de vraag of er buitenlandse chauffeurs op de bok zitten die wel of niet onderbetaald worden. Bij gevallen van sociale misstanden staan wij langs de zijlijn. De NIWO kan in zo’n geval de transportvergunning van dat bedrijf niet intrekken.” Olthoff laat doorschemeren dat men dat binnen zijn dienst soms als ‘lichtelijk frustrerend’ ervaart. Als de NIWO bij de eigen onderzoeken bij ondernemingen onregelmatigheden op sociaal gebied  aantreft of vermoedt, wordt dat volgens NIWO-onderzoeker Nico Brinkhorst altijd doorgegeven aan ILT. “Ook richten wij ons gezamenlijk met andere (internationale) diensten op de aanpak van malafide ondernemingen en schijnconstructies. Het gaat daarbij om honderden controles. Daarnaast hebben wij sinds 2015 een meldpunt misstanden. Daar kwamen afgelopen jaar 97 meldingen binnen waarvan wij er

Nico Brinkhorst

28 naar ILT hebben doorgestuurd.” Maar de kerntaak is het verstrekken en controleren van de vergunningen. “Want hoewel de naleving hoog is, wordt nog steeds zonder vergunning gereden”, weet Brinkhorst. “Met name bij eigenrijders zien we soms problemen. Veel van die jongens hebben geen tijd of niet de capaciteit om het ondernemersdiploma vakbekwaamheid te halen. Soms haalt zijn vrouw dat maar dat kan weer missgaan bij bijvoorbeeld een scheiding. Eigenrijders kunnen dat vakbekwaamheidsdiploma ook inhuren, maar daar ligt altijd het risico van een schijnconstructie op de loer.”

Power
Zou de NIWO niet de power willen hebben om ook sociale mistanden op CAO-gebied kunnen aanpakken? “Die gedachte komt wel eens bij mij op”, geeft Olthoff toe. “En niet zozeer omdat wij onszelf zien als de Big Brother in het transport. Maar veel meer omdat wij hier al heel veel informatie in huis hebben. Wij hebben de laatste jaren zwaar geïnvesteerd in computerkracht. En als publiekrechtelijk orgaan mogen en kunnen wij ook heel veel informatie verstrekken en delen met andere instanties. Wij denken dan in de richting dat wij de gegevens van Nederlandse chauffeurskaarten naast het aantal voertuigen gaan leggen. De NIWO beschikt al over voertuiggegevens, wat in de loop van 2018 verder zal worden verbeterd. Maar wij hebben nu geen informatie over chauffeurs. Als wij wel daarover zouden beschikken, kunnen wij zo’n match bijna realtime doen. Dan zie je dus direct en periodiek hoeveel buitenlandse chauffeurs er blijkbaar op Nederlandse auto’s rijden.” Op zichzelf hoeft dat nog niets te betekenen. “Een deel van die chauffeurs zal zeker netjes bij een Nederlands bedrijf staan ingeschreven en zou volgens de Nederlandse CAO betaald moeten worden. Maar op die manier kun je ook zien hoeveel chauffeurs er door bedrijven worden ingehuurd bij een van de ‘goedgekeurde’ uitzendbureaus die her en der in Europa zijn gevestigd. Dat geeft ook een signaal, want veel van die bureaus zitten niet in Nederland. Op die manier maak je een instrument waarmee je vooraf elektronisch kunt detecteren. En wat dus in het veld via ILT een informatiegericht toezicht kan opleveren.”

Koppeling
Hoe waardevol de genoemde denkrichting ook zou kunnen zijn, het kan pas van de grond komen als de politiek er wat in ziet om de NIWO-vergunningen te koppelen aan de bestuurderskaarten. Want die zitten bij KIWA. Maar gesprekken daarover worden domweg niet gevoerd. Tussen de twee diensten staat tot nu toe een muur. Mogelijk komt dat omdat de NIWO een publiekrechtelijke instelling is en KIWA een commercieel bedrijf. Bovendien blijkt KIWA heel andere plannen te hebben. “KIWA heeft een langlopend contract met de overheid voor de productie van de bestuurderskaarten”, vertelt Gerard Albrecht van KIWA-register. Hij is een van de mensen binnen zijn bedrijf die zich momenteel buigt over een meer fraudebestendige uitvoering van die kaart. “Wij willen de huidige onvrede daarover wegnemen met een verbeterslag. Dat moeten wij als commercieel bedrijf ook wel als we ook na het aflopen van het huidige contract nog in business willen blijven. Bovendien is de slagkracht van de overheid op dit gebied beperkt.” Waar KIWA aan denkt, is om het onmogelijk te maken dat chauffeurs op andermans kaarten rijden of helemaal geen kaart gebruiken. “Wij zien veel in de richting van het koppelen van de bestuurderskaart aan een app op een smartphone. Daarbij moet een chauffeur niet alleen zijn kaart in de tachograaf doen, maar zich via de app ook met biometrische gegevens aanmelden. Kaart en app horen dus bij elkaar en dankzij de biometrie kan een chauffeur niet samen met zijn kaart ook zijn iPhone aan een collega afgeven.” De bedoeling is dat als er gereden wordt terwijl een van de twee niet juist gebruikt wordt of afwezig is er ergens een bel gaat rinkelen. Albrecht: “Dat is technisch mogelijk en wordt bevorderd door het feit dat de nieuwste tachografen vanaf 2019 op afstand zijn uit te lezen. Dat zou tachograaffraude door het rijden op andermans kaart of zonder kaart een stuk moeilijker maken. Het systeem biedt meteen ook mogelijkheden om hardwarefraude te onderscheppen.”

Privacy
Hoewel niet door Albrecht benoemd, zou een koppeling ook goede aanknopingspunten bieden om iets aan sociale dumping te doen. Want theoretisch zou het met dit systeem moeten opvallen als er een combinatie van een in Nederlands aangemelde tachograaf met een buitenlandse kaart en app wordt waargenomen. De hele effectiviteit van het plan zit niet zozeer in de combinatie kaart/app maar met wat er daarna met al die gegevens gebeurt. Dat vraagt om een (derde) partij, die alle op deze manier verzamelde gegevens vergelijkt en uitfiltert naar gegevens waarmee de uitvoerende instanties aan het werk kunnen. En dat komt weer in de buurt van wat men bij de NIWO zou willen doen.

Maar voor het zover is, zal er nog heel wat verkeer over de A67 gaan. “Om te beginnen moeten we het inpassen binnen de privacy wetgeving”, begint Albrecht zijn opsomming. “En natuurlijk is dit het meest waardevol als we dit in heel Europa zouden kunnen invoeren. Zover zijn we nog lang niet. Maar de mogelijkheden zijn er zeker en binnen het Europees Parlement is men er enthousiast over. Waar wij aan denken, is het plan conceptmatig zo ver te krijgen dat we er een proef mee kunnen doen. Die zou bijvoorbeeld eerst in de taxiwereld kunnen gebeuren omdat die veel meer nationaal is wat het minder complex maakt.”

De conclusie? ILT zou met een koppeling tussen de bestanden van de NIWO en KIWA-register op korte termijn veel meer houvast zou hebben. Maar daar moet dan wel politieke wil voor zijn. Tot die tijd lijkt het erop dat de beste vriend van te goedertrouwe transporteurs in de strijd tegen sociale dumping uitgerekend de FNV blijft…

 

Zorg dat u niets mist. Neem nu een jaarabonnement op TTM.nl met 25% korting. Abonneer