In de periode oktober 2008 – september 2009 produceerde de transportmiddelenindustrie ruim een kwart minder dan een jaar eerder. Binnen de Nederlandse industrie is deze branche daarmee het hardst geraakt door de economische crisis. Het productieverlies van de hele Nederlandse industrie is echter niet zo sterk als in de meeste andere Europese landen.
De sterke productiedaling in de transportmiddelenindustrie komt vooral door een kleinere vraag naar goederen en diensten van de transportsector. Ook in de andere industriële branches heeft het slechte economische klimaat tot een lagere bezetting van de productiecapaciteit geleid. “De transportmiddelenindustrie heeft een paar hele mooie jaren gehad, maar daar zit nu helemaal de klad in”, zegt hoofdeconoom Michiel Vergeer van het CBS in een toelichting.
De basismetaal- en metaalproductenindustrie had een productiedaling van 18 procent. Het minst conjunctuurgevoelig is de voedings- en genotmiddelenindustrie. Tussen oktober 2008 en september 2009 produceerde deze branche 2 procent minder dan in dezelfde periode een jaar eerder. De totale industrie produceerde 11 procent minder.
De landen die de voormalige EU-15 vormden hadden samen in de periode oktober 2008 – september 2009 een productieterugval van 16 procent. Deze krimp is beduidend groter dan die van de Nederlandse industrie. Na Ierland hadden Nederland en Griekenland de minst sterke productiekrimp van de EU-15.

